Home Thema's Inclusief onderwijs De vijf voorwaarden voor digitale inclusie in het onderwijs
Inclusief onderwijs

De vijf voorwaarden voor digitale inclusie in het onderwijs

Achtergrond

Voor digitale inclusie in het onderwijs zijn er vijf voorwaarden: digitale hulpmiddelen, geschikte devices en connectiviteit, toegankelijkheid, digitale vaardigheden en een digitale omgeving voor iedereen. Lotte Dondorp, Erwin Bomas en Remco Pijpers lichten ze toe in een artikel van Kennisnet.

Digitaal inclusief onderwijs

Inclusief onderwijs wil zeggen dat elke leerling en student mee kan doen en erbij hoort. Dus ook leerlingen met specifieke ondersteuningsbehoeften, zoals bij een beperking, mentale problemen, ziekte, een moeilijke thuissituatie of een achtergrond als nieuwkomer. Digitale inclusie wil zeggen dat elke leerling en student ook in de digitale wereld erbij hoort en mee moet kunnen doen. Digitale hulpmiddelen kunnen inclusie versterken. Het is echter niet vanzelfsprekend dat iedereen de kansen van digitalisering kan benutten. Digitaal inclusief onderwijs houdt rekening met verschillen tussen leerlingen en studenten. Daarvoor moet echter wel aan vijf voorwaarden worden voldaan.

Voorwaarde 1: Digitale hulpmiddelen

Digitale hulpmiddelen laten leerlingen en studenten met specifieke ondersteuningsbehoeften eenvoudiger deelnemen aan het onderwijs. Doordat de technologie een deel van de ondersteuning door de leraar overneemt, ontstaan er meer mogelijkheden voor specifieke groepen leerlingen en studenten om mee te doen met het regulier onderwijs. Digitale technologie maakt het mogelijk om les op afstand te geven. Dit versterkt inclusie. Er zijn ook digitale toepassingen die begrip en empathie onder medeleerlingen en -studenten kunnen vergroten.

Checkvragen digitale mogelijkheden

  • Welke specifieke ondersteuningsbehoeften hebben leerlingen/studenten Reflectievragen op onze school? Zijn er digitale hulpmiddelen beschikbaar die hen beter bij het leren en deelnemen aan de lessen kunnen betrekken?
  • Zijn er digitale oefenprogramma’s beschikbaar voor leerlingen die van huis uit minder ondersteuning krijgen?
  • Is het mogelijk om bepaalde leerlingen/studenten met digitale les op afstand weer of beter bij het onderwijs te betrekken? Bijvoorbeeld als zij lang ziek thuis zitten, of als zij een keuzevak willen volgen op een andere school?
  • Zijn er digitale middelen waarmee wij begrip en empathie onder medeleerlingen/-studenten kunnen vergroten?
Voorwaarde 2: Geschikte devices en connectiviteit

Elke leerling en student heeft toegang nodig tot de digitale wereld. Een goed werkend device is een belangrijke voorwaarde voor digitale toegang. Leerlingen en studenten hebben ook goed werkend internet nodig. De school kan zorgen voor goede leerplekken waar leerlingen of studenten kunnen werken, of een regeling treffen voor internet thuis.

Checkvragen geschikte devices en connectiviteit

  • Is er een regeling voor internet bij leerlingen/studenten thuis? Of biedt de school goede werk- en leerplekken voor leerlingen/studenten die thuis geen (goed werkend) internet hebben?
  • Moeten ouders een laptop of tablet zelf kopen? Kan elke ouder dit wel betalen?
  • Is er een regeling voor leerlingen of studenten zonder laptop of tablet? Zijn er ondersteuningsmogelijkheden voor ouders?
Voorwaarde 3: Toegankelijkheid

Iedereen moet mee kunnen doen, ook bij digitaal onderwijs. Het is daarom belangrijk om informatie op verschillende manieren aan te bieden en om de vraag te stellen of leerlingen of studenten met extra ondersteuningsbehoeften ook met de digitale middelen overweg kunnen. Toegankelijkheidseisen helpen ontwikkelaars, schrijvers en redacteuren om digitaal materiaal voor verschillende doelgroepen begrijpelijk te maken. Ook scholen moeten hier rekening mee houden.

Checkvragen toegankelijkheid

  • Kunnen al onze leerlingen/studenten overweg met de digitale middelen die wij inzetten?
  • Voldoen de digitale middelen die wij gebruiken aan de toegankelijkheidseisen?
  • Nemen wij de eisen expliciet mee bij ontwerp en inkoop?
  • Vragen wij leerlingen/studenten naar hun ervaringen met de middelen die wij inzetten?
  • In hoeverre hebben onze medewerkers kennis over digitale toegankelijkheid?
Voorwaarde 4: Digitale vaardigheden

Er zijn grote verschillen in digitale vaardigheden tussen de leerlingen en studenten met verschillende achtergronden op verschillende type scholen. Werken aan goede digitale vaardigheden en digitaal burgerschap op school is van groot belang voor een inclusieve samenleving. Een goede basis in taal en rekenen is hier een belangrijke voorwaarde voor. Ook de vaardigheden van leraren doen ertoe. Een digitaal vaardige leraar kan ict inzetten om zijn onderwijs beter te maken. Bovendien kan een digitaal vaardige leraar leerlingen of studenten beter begeleiden bij het ontwikkelen van digitale vaardigheden en digitaal burgerschap.

Checkvragen digitale vaardigheden en burgerschap

  • Hoe schatten wij de digitale vaardigheden onze leerlingen/studenten in? En kunnen zij zich straks redden als burgers in een digitale wereld? Wat betekent dit voor bijvoorbeeld beschikbare bronnen, schermtijd, inzet van smartphones?
  • Werken wij aan digitale vaardigheden en digitaal burgerschap van leerlingen/studenten, en zo ja hoe?
  • Rond digitaal burgerschap regelen overheid en instanties veel voor leerlingen en studenten met een extra ondersteuningsbehoefte, maar in hoeverre maakt hen dit afhankelijk? Wat is de juiste balans?
  • Besteden wij aandacht aan digitale geletterdheid bij andere vakken, bijvoorbeeld bij taalvakken, rekenen of wiskunde?
  • In hoeverre hebben wij digitale geletterdheid en digitaal burgerschap structureel in ons curriculum ingebed?
  • In hoeverre werken wij aan de ict-bekwaamheid van leraren?
Voorwaarde 5: Digitale omgeving voor iedereen

Op school moet elke leerling en student mee kunnen doen en zich betrokken voelen. In de fysieke, maar ook in de digitale omgeving. Dat betekent dat de school in de gaten houdt of leerlingen/studenten niet digitaal worden buitengesloten. Bijvoorbeeld door:

  • Digitaal pesten tegen te gaan.
  • Na te gaan of mogelijk gebruik van data of algoritmes niet leidt tot vooroordelen.
  • Ervoor te zorgen dat het digitale lesmateriaal inclusief is. Inclusief lesmateriaal laat leerlingen/studenten in aanraking komen met diverse inhoud, bijvoorbeeld op het gebied van religie, etniciteit en seksualiteit.

Digitaal open leermateriaal biedt veel mogelijkheden voor een gevarieerde en inclusieve leerinhoud. Ook de digitale communicatie van de school vraagt aandacht. Bijvoorbeeld als niet alle ouders het Nederlands goed beheersen of onvoldoende digitaal geletterd zijn. Ten slotte is het belangrijk dat leerlingen, studenten en ouders ook buiten de digitale omgeving mee kunnen blijven doen.

Checkvragen digitale omgeving voor iedereen

  • Werken wij actief aan een veilige digitale omgeving voor leerlingen, studenten en medewerkers?
  • Gebruiken onze digitale systemen AI of algoritmes en zijn deze met representatieve datasets getraind, zonder vooroordelen?
  • Maken onze systemen profielen van leerlingen/studenten en wat is daar de rechtvaardiging voor?
  • Zorgen wij ervoor dat beslissingen met gevolgen voor leerlingen altijd door mensen en nooit alleen door computersystemen worden genomen?
  • Hebben wij een protocol tegen digitaal pesten?
  • Zorgen wij voor diverse content, bijvoorbeeld op het gebied van religie, etniciteit, seksualiteit en gender?
  • Kan iedereen onze digitale communicatie volgen? Bieden wij bijvoorbeeld vertaalmogelijkheden bij de digitale nieuwsbrief?
  • Communiceren wij ook buiten de digitale omgeving? Hoe communiceren wij met ouders die digitaal niet goed meekomen?
Digitale inclusie in het onderwijs versterken

Met de vijf voorwaarden kunnen scholen digitalisering benutten voor inclusiever onderwijs en inclusie ook in de digitale wereld van de school versterken. Een school of schoolbestuur kan de reflectievragen gebruiken voor het gesprek over digitale inclusie. Ook kunnen de vijf voorwaarden worden gebruikt bij de inkoop van leermiddelen of bij gesprekken met leveranciers om de ontwikkeling van digitale technologie te sturen.

De auteurs adviseren scholen om hierbij samen op te trekken en om best practices met elkaar te delen.

Bron: Kennisnet

Delen:

Wil je op de hoogte blijven? Schrijf je nu in voor
de nieuwsbrief of registreer direct

Trending topics
Schaduw-ict, de IBP-uitdaging van ChatGPT
Stappenplan voor smartphonebeleid op school
Hoe betrek je als school ouders bij mediawijsheid?