Home Thema's Onderwijsinnovatie “We moeten niet focussen op leerachterstanden”
Digitale vaardigheden

“We moeten niet focussen op leerachterstanden”

Achtergrond

De hoofdboodschap uit het rapport De Staat van het Onderwijs 2021, opgesteld door de Inspectie van het Onderwijs, luidt: benut de coronacrisis als unieke kans voor onderwijsrenovatie door structurele verbeteringen aan te brengen. Hoe denkt Marcel Hoogstoevenbeld, docent onderzoeken & ontwerpen en informatica op het Ichthus Lyceum, tevens projectleider en technator, over het rapport? En wat is volgens hem de beste manier om het onderwijs structureel te verbeteren?   

De achterstanden die leerlingen opliepen als gevolg van de coronapandemie vragen om een inhaalslag in 2021. Maar de inspectie ziet kans om meer te doen dan dat, onder het mom ‘maak van de aangekondigde reparatie een renovatie’. Om de ‘lockdownschade’ te herstellen heeft het kabinet een bedrag van 8,5 miljard euro vrijgemaakt, minimaal 700 euro per leerling. Een bedrag dat onder andere wordt ingezet om het schooljaar en lesdagen te verlengen en een-op-een begeleiding te geven. Als dit bedrag goed aangewend wordt, kan het bijdragen aan het structureel verbeteren van het onderwijs. Dat houdt volgens het rapport in dat:

  1. Elke leerling en student het onderwijs geletterd en gecijferd verlaat
  2. Elke leerling en student zichzelf kent en heeft geleerd zelfstandig keuzes te maken
  3. Elke leerling en student bijdraagt aan sociale samenhang in de samenleving
  4. Elke leerling en student slaagt in het vervolgonderwijs en op de arbeidsmarkt
  5. Elke leerling en student gelijke kansen en een passend aanbod krijgt

Hoogstoevenbeld is jarenlang als schoolleider en ICT-coördinator actief geweest en is nu projectleider, technator, docent onderzoeken & ontwerpen (O&O) en informatica op het Ichthus Lyceum, een school voor gymnasium, atheneum en havo in Driehuis. Ook heeft hij een adviesbureau iThink Education, waarmee hij zich richt op het snijvlak van ICT en onderwijs. “Als schoolleider had ik niet het gevoel dat ik genoeg kon bijdragen aan het veranderen en verbeteren van het onderwijs; dat kan ik wel voor de klas en via mijn bureau”, stelt Hoogstoevenbeld.

We moeten het heel anders benaderen. We moeten niet focussen op de leerachterstanden, maar juist op de vaardigheden die leerlingen in coronatijd wél opdeden. 

Hij heeft dan ook zo zijn eigen ideeën over het rapport en de manier waarop we actie kunnen ondernemen om bovenstaande punten te behalen. “We moeten het heel anders benaderen, we moeten niet focussen op de leerachterstanden, maar juist op de vaardigheden die leerlingen in coronatijd wél opdeden. Aan de ene kant zitten veel jongeren minder goed in hun vel, doordat ze geen of minder contact hadden met vrienden en klasgenoten of spanningen thuis hadden, doordat ook hun ouders thuis werkten en ze geen rustige werkplek of slecht internet hadden. Daar moeten we aandacht voor hebben. Aan de andere kant moeten we aandacht hebben voor de leerlingen die het juist super goed hebben gedaan, hard hebben gewerkt, het beste ervan hebben gemaakt en goede cijfers behaalden. Hoe gaan we hen door laten groeien? Zij hebben juist een programma nodig dat hen verder ondersteunt en beloont voor hun inzet.”  

Van summatief naar formatief

Voor het telefonische interview kan plaatsvinden, moet van Hoogstoevenbeld eerst een rustig plekje opzoeken. Op het Ichthus Lyceum zijn de leerlingen op het moment namelijk druk bezig met het maken van het examen. In 2020 verviel het centraal examen, waardoor volgens het rapport ook ‘een belangrijk ijkpunt’ mist in het bijhouden van de voortgang van leerlingen. “Voor leerlingen zelf maakt het niet uit. Het centraal examen is slechts een controle, alle stof hebben ze al een keer gehad en gehaald”, zegt Hoogstoevenbeld.

Leerlingen moeten reflecteren en niet denken: ik heb een zeven voor een toets, dus waarom zou ik die toets nog inkijken? We moeten echt van summatief naar formatief toetsen.

Hij kan zich dan ook vinden in het punt dat het rapport aanvoert, dat er al enkele jaren een discussie speelt in het hoger onderwijs of er niet te veel getoetst wordt, terwijl leerlingen te weinig feedback krijgen. “Het doel moet niet zijn om een voldoende voor een toets te halen. Het doel moet zijn om de stof te begrijpen en te weten wat je nog moet of kunt verbeteren. Leerlingen moeten reflecteren en niet denken: ik heb een zeven voor een toets, dus waarom zou ik die toets nog inkijken? We moeten echt van summatief naar formatief toetsen. Op het Ichthus Lyceum zijn we al druk bezig met het opzetten van een leerlingvolgsysteem om de ontwikkelingen van onze leerlingen op sociaal, emotioneel en cognitief vlak bij te kunnen houden.”

Een leerachterstand of een voorsprong?

Over zijn eigen leerlingen bij het centraal examen dit jaar maakt Hoogstoevenbeld zich geen zorgen. “Die achterstanden waar iedereen het over heeft, zie ik in mijn eigen klas niet terug.” Hij kan zich dan ook niet vinden in de insteek van het rapport: ‘maak van de reparatie een renovatie’. “Ik heb er moeite mee dat we spreken van repareren, alsof er iets stuk is. Wat denk je dat het met leerlingen doet om keer op keer te horen dat ze een achterstand hebben of dat ze over een coronadiploma beschikken. Tuurlijk zijn we afgelopen schooljaar niet aan alle onderdelen toegekomen. Maar kijk ook eens naar wat leerlingen wél bereikt hebben: zelfstandigheid, ICT-adoptie en nieuwe manieren van (samen)werken hebben een vlucht genomen! Vanuit de ontwikkelingspsychologie weten we dat leerlingen zich niet stapsgewijs ontwikkelen. Met de vaardigheden die ze nu ontwikkeld hebben, kunnen ze wellicht in een andere periode kennisvergaring versnellen.”

Ik heb er moeite mee dat we spreken van repareren, alsof er iets stuk is. Wat denk je dat het met leerlingen doet om keer op keer te horen dat ze een achterstand hebben of dat ze over een coronadiploma beschikken.

Hoogstoevenbeld kijkt dan ook met lede ogen naar de manier waarop de 8,5 miljard van het kabinet wordt besteed. “Het is doodzonde dat dit naar allerlei nieuw opgezette reparatiebureaus en bijscholingsinstituten gaat. We moeten nu juist concentreren op wat we bereikt hebben en proberen die zaken vast te houden. Dat geld moet gaan naar de flexibilisering van het onderwijs, zodat leerlingen de ruimte krijgen zich op hun eigen tempo te ontwikkelen. En het moet gaan naar de professionalisering van het onderwijs, zodat docenten bijvoorbeeld over de juiste vaardigheden beschikken om ICT in te zetten om individueel leren te ondersteunen.”

ICT to the rescue

Juist bij het ondersteunen van individueel leren, kan ICT en het nieuwe digitale lesgeven uitkomst bieden. “Doordat leerkrachten nu aan honderd leerlingen tegelijk uitleg geven, houden zij tijd over om leerlingen individueel te coachen en begeleiden. Op het Ichthus Lyceum zijn leerlingen vrij om het tweede deel van hun middag zelf in te vullen. Bijvoorbeeld met een masterclasses debatteren of game design. Of ze kunnen ervoor kiezen bijles voor een bepaald vak te nemen. Een leerling kan dus tegelijkertijd een eventuele achterstand inhalen als een nieuwe vaardigheid op een hoger niveau doorontwikkelen.”

Dat het niveau omhoog moet, blijkt ook uit het rapport waarin staat dat geletterdheid en gecijferdheid de laatste jaren daalt. Zo zou aan het begin van de brugklas een kwart van de vo-leerlingen niet het referentieniveau 1F behalen bij lezen, en 45% haalt dat niveau niet bij rekenen. “Dat is een lastige kwestie, want we weten nog steeds niet precies waarom het niveau daalt. Toch kan ICT ook hier ondersteunen via adaptieve lesmethodes. Zo gebruiken wij bijvoorbeeld het programma Studyflow, waarin leerlingen op eigen niveau rekenen en zelfstandig kunnen oefenen. Daarnaast heb je altijd nog de personal touch van de docent nodig, die leerlingen activeert, motiveert en ondersteunt.”

De juiste voorwaarden creëren

Ook bij het creëren van gelijke kansen, het vijfde punt uit het rapport, ziet Hoogstoevenbeld de toegevoegde waarde van ICT. “In eerste instantie dachten we dat als we elke leerling van een goed device voorzien, dit emanciperend werkt. Dat zij zich vanzelf breder gaan ontwikkelen. Met het thuisonderwijs van het afgelopen jaar, is wel gebleken dat dit niet altijd opgaat. Als we willen dat leerlingen zelfstandig digitaal leren, moeten wij als school ook rustige en veilige plekken bieden waar zij dit kunnen doen. Niet alle leerlingen hebben thuis een dergelijke plek, waardoor je de kansenongelijkheid vergroot als je daar als school niets aan doet.”

Als we willen dat leerlingen zelfstandig digitaal leren, moeten wij als school ook rustige en veilige plekken bieden waar zij dit kunnen doen. Niet alle leerlingen hebben thuis een dergelijke plek

Een andere voorwaarde om het digitale leren te laten slagen, is dat de leerlingen en docenten beschikken over de benodigde digitale vaardigheden. “Samen met de andere docenten informatica, hebben we een programma samengesteld om de leerlingen mediawijs te maken. Dat begint al in de eerste klas, wanneer mentoren hun leerlingen lesgeven in mediawijsheid: hoe haal je het meeste uit Word? Hoe kun je een automatische inhoudsopgave maken en paginanummers toevoegen? Zowel leerlingen als docenten kunnen nog veel leren over hoe ze programma’s voor zich kunnen laten werken.

Ook komen digitale vaardigheden terug in bepaalde vakken. Zo zette een biologie docent laatst Google Cardboard in om leerlingen via Virtual Reality door de bloedbaan te laten reizen. Tot slot stelden de informatica docenten een online programma op, waarin leerlingen zelfstandig aan het werk kunnen. Aan het einde van de derde klas moeten leerlingen op deze manier beschikken over een brede set basisvaardigheden. Dat is al een grote structurele verbetering die kan bijdrage aan het behalen van de andere punten uit het rapport.”

Delen:

Wil je op de hoogte blijven? Schrijf je nu in voor
de nieuwsbrief of registreer direct

Trending topics
Whitepaper: Naar een veiligere, hybride onderwijsomgeving
Schrijf je in voor onze Breens Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze Breens Nieuwsbrief

Ontvang wekelijks kennis en inspiratie over digitalisering en innovatie in het onderwijs in je mailbox.

Door op de button te klikken, meld je je aan voor de nieuwsbrief en ga je akkoord met de voorwaarden van Breens.

Bedankt voor je aanmelding voor de nieuwsbrief van Breens.nl, het kennis- en inspiratieplatform voor onderwijsprofessionals. Je ontvangt binnenkort de eerstvolgende editie in je mailbox.  We wensen je veel leesplezier! Het team van Breens.nl