Home Thema's Toetsen Formatief evalueren: Wat doen leerlingen?
Toetsen

Formatief evalueren: Wat doen leerlingen?

Formatief evalueren
Achtergrond

Veel scholen zetten in op meer formatief evalueren. Voor docenten is de motivatie vooral meer eigenaarschap creëren, actievere leerlingen, meer motivatie, meer betrokkenheid.

Dat begint bij een actieve houding van leerlingen. Maar hoe krijg je dat voor elkaar? En welk gedrag willen we eigenlijk zien bij de leerlingen als de leraar formatief evalueren in de klas vormgeeft (figuur 1)? En wat moet de docent doen om dit gedrag in de klas uit te lokken?

Met deze vraag zijn we met 24 teams uit twee professionaliseringstrajecten Leernetwerken formatief evalueren en RAAK-project aan de slag gegaan. Docenten maakten posters van wat zij deden (de zogenoemde FE-leerlingcyclus) aan de hand van verschillende werkvormen formatief evalueren die SLO heeft ontwikkeld (zie bijvoorbeeld deze werkvorm). Daarnaast benoemden 27 VO-docenten welk gedrag zij in iedere fase van de formatief evalueren-cylus van de leerling en wilden zien. (zie figuur 2)

Analyse van deze input toonde aan dat  vragen stellen, uitleg geven aan elkaar, feedback vragen  en een cultuur in de klas waarin leerlingen fouten mogen en durven maken essentieel zijn om een actieve houding bij leerlingen te triggeren.

Maar docenten bleken het ook nog lastig te vinden om in hun eentje concreet te maken wat ze van leerlingen wilden zien. Hoe ziet eigenaarschap of motivatie in de klas er precies uit? Toch zien we, als we wat verder kijken per fase, mooie voorbeelden van meer concreet gedrag van leerlingen (zie figuur 3) als docenten er samen over nadenken en over praten.

Ook wordt helderder wat dat vervolgens voor hun eigen docentgedrag betekent. Immers, als je bijvoorbeeld zegt dat je wilt dat leerlingen ‘elkaars werk met elkaar en met de succescriteria vergelijken” (in fase 3) dan betekent dat meteen dat je 1) een activiteit moet inzetten om succescriteria te verhelderen (fase 1); 2) leerlingen producten moet laten maken waarin ze deze succescriteria kunnen laten zien (fase 2), en 3) een activiteit, tool, en tijd moet inrichten waarin leerlingen elkaars werk bekijken. In ieder geval is nu aan alle docenten duidelijker geworden hoe docent- en leerlinggedrag nauw met elkaar verbonden zijn bij FE in de klas.

Tekst: Gerdineke van Silfhout en Judith Gulikers

Delen:

Wil je op de hoogte blijven? Schrijf je nu in voor
de nieuwsbrief of registreer direct

Trending topics
De (digitale) transformatie van Kennispark Twente
Schrijf je in voor onze Breens Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze Breens Nieuwsbrief

Ontvang wekelijks kennis en inspiratie over digitalisering en innovatie in het onderwijs in je mailbox.

Door op de button te klikken, meld je je aan voor de nieuwsbrief en ga je akkoord met de voorwaarden van Breens.

Bedankt voor je aanmelding voor de nieuwsbrief van Breens.nl, het kennis- en inspiratieplatform voor onderwijsprofessionals. Je ontvangt binnenkort de eerstvolgende editie in je mailbox.  We wensen je veel leesplezier! Het team van Breens.nl